Misschien is het je wel opgevallen de laatste tijd: Meewind maakt reclame op televisie en Duurzaam Investeren doet dit op de radio (BNR). Beide organisaties staan ook regelmatig met paginagrote advertenties in dagbladen, zoals het Financieele Dagblad. Wanneer je googlet op duurzaam investeren of crowdfunding vind je (bij de advertenties) onder meer Zencap (van de Zalando-broertjes), OnePercentClub en recent OnePlanetCrowd. Investeren in duurzame-energie-projecten is hot en mede dankzij eerdergenoemde media-activiteiten wordt het publiek almaar breder en zijn investeringen in duurzame-energie-projecten steeds beter te vinden.

Financieringsvormen
De diverse aanbieders bieden verschillende proposities. Bij de één (Meewind) investeer je in een fonds, bij de ander in een project (Windcentrale) en weer elders leen je geld aan een exploitant (Greencrowd, Duurzaam Investeren). De verschillende proposities bieden ook uiteenlopende rendementen en communicatie daaromtrent is en blijft zeer belangrijk. Want hoe wordt nu precies het rendement berekend dat jou wordt voorgehouden bij al die proposities?

IRR
Excel kent een eenvoudige en ook door banken en investeringsfondsen algemeen geaccepteerde manier om het rendement te bepalen, namelijk de Internal Rate of Return (IRR, in Excel =IR(waarden)). De IRR is een getal, meestal uitgedrukt als percentage, dat het netto rendement van de investeringen in een project weergeeft. Het is de opbrengstvoet (ook wel disconteringsvoet genoemd) waarbij de netto contante waarde van het geheel van kosten en baten nul is. Een project is aantrekkelijk als de interne opbrengstvoet hoog is. Aldus Wikipedia.

Rendementen
Via Twitter heb ik investeerders in duurzame–energie-projecten gevraagd wat informatie te delen ten behoeve van deze column.
Iemand gaf aan dat hij € 2.500,- heeft geïnvesteerd in een fonds voor wind op zee en 9% rendement beoogt. Het eerste anderhalf jaar werd geen rendement uitgekeerd, maar de jaren daarna 2%, 2,5% en 4,4%. Het rendement over 2014 is nog niet vastgesteld, maar wat we wel weten, is dat zijn investering volgens de website nu geen € 2.500,- meer waard is, maar € 3.322,50. Wanneer we in de berekening geen rekening houden met 3% emissiekosten en we ervan uitgaan dat de verkoop eveneens kosteloos is, dan bedraagt de IRR op deze investering 9,25%. Meer dan het beloofde rendement van 9%. Wanneer we echter wel rekening houden met de 3% emissiekosten, dan bedraagt het rendement 8,4%. Indien bij verkoop van de deelneming ook nog kosten in mindering worden gebracht op de uitkering, bijvoorbeeld ook 3%, daalt het rendement naar 7,7%

Een investeerder in een ander project meldde dat hij € 690,- heeft geïnvesteerd in wind op land waarbij een rendement van 7% wordt beoogd. Het rendement wordt uitgekeerd in kilowatturen, in het geval van deze investeerder zouden dat er 1.000 moeten zijn. De prijs die deze investeerder voor zijn stroom betaalde toen hij instapte, was 7,1 cent per kilowattuur. Bij de eerste jaarafrekening werd er geen 1.000 kWh gratis geleverd, maar 878 kWh en bij de tweede jaarafrekening ook geen 1.000, maar 864. Ook was de energieprijs niet met 3% gestegen, maar met 8,5% gedaald naar 6,5 cent per kWh. Hij kon zijn participatie het volgende jaar verkopen voor, onder aftrek van administratieve kosten, € 490,-. Hierdoor bedraagt in dit geval het rendement niet de genoemde 7% per jaar, maar min 4,5% per jaar.

Een investeerder die via een crowdfundingplatform investeert in duurzame–energie-projecten door te financieren, heeft volgens het IRR-model exact het rendement wat hem was voorgespiegeld. Niets meer, niets minder. In praktijk valt het rendement echter fractioneel lager uit doordat er in de praktijk altijd een paar dagen tot weken eerder wordt betaald dan dat de investering rente gaat opleveren.

Emotie
Het mooie is dat alle investeerders aangeven dat ze het zo weer zouden doen. Dit ondanks het feit dat in sommige gevallen het rendement zelfs negatief is. Ze vinden het leuk om te investeren in fysieke projecten en zijn over het algemeen tevreden over het financiële rendement omdat het geld op de spaarrekening toch niets oplevert. Een ander positief element is het feit dat veel concepten innovatief waren toen ze gelanceerd werden, zoals winddelen en crowdfunding.

Aandachtspunten
Een eerste aandachtspunt is dat er volgens de investeerders weinig contact is tussen de investeerders en de partij die het geld heeft opgehaald. Bij sommigen wordt wel de mogelijkheid geboden bij een jaarlijkse bijeenkomst aanwezig te zijn, maar hier wordt door degenen die een bijdrage aan deze column hebben geleverd geen gebruik van gemaakt. Communicatie is vooral digitaal, onder meer via een hele mooie app, en zendend door de partij die het geld heeft opgehaald.

Een tweede aandachtspunt is dat er beter gecommuniceerd moet worden over de wijze waarop de gepresenteerde rendementen worden berekend. Aanbieders lopen het risico te hoge rendementen voor te spiegelen door alleen maar uit te gaan van energieprijsstijgingen en bepaalde kostencomponenten niet mee te nemen in de rendementsberekeningen.

Zonnige toekomst
Het mag duidelijk zijn dat investeren in duurzame energie de wind in de rug heeft en een zonnige toekomst tegemoet gaat. Het enthousiasme is groot en investeerders voelen zich echt betrokken. Een beetje tegenvallend rendement leidt niet tot paniek, noch tot uitverkoop: we hebben letterlijk en figuurlijk te maken met duurzame investeerders.

Hierbij komt dat de overheid zegt nog steeds de ambitie te hebben om de vastgelegde doelstellingen op het gebied van duurzame-energie-productie te realiseren. Daarvoor moet in Nederland nog veel, echt heel veel geïnvesteerd worden. De komende jaren komen er dus nog meer dan voldoende projecten voorbij om iedereen mee te laten profiteren van duurzame investeringen.

Jan Willem Zwang

Jan Willem Zwang is oprichter, oud-directeur en momenteel partner van Greenspread.

One Reply to “Investeren in duurzame energie loont”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *